Op vrijdag 10 mei heeft het Stadsmuseum Harderwijk een grote collectie dissertaties en andere academische verhandelingen, afkomstig uit de nalatenschap van de in 1811 gesloten voormalige Universiteit van Harderwijk, overgedragen aan het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe. Directeur van het Stadsmuseum Corien van der Meulen droeg de collectie met het tekenen van de overdrachtsdocumenten over aan streekarchivaris Hajo de Roo en adjunct-streekarchivaris Rudolf Bosch van het Streekarchivariaat.


Cultureel erfgoed veiliggesteld

Daarmee slaan het Stadsmuseum Harderwijk en het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe de handen ineen om belangrijk Harderwijks cultureel erfgoed veilig te stellen voor de toekomst. Delen van de collectie van de voormalige Universiteit van Harderwijk, waaronder een groot aantal dissertaties, die de afgelopen jaren bij het Stadsmuseum werden bewaard, zullen worden overgedragen aan het Streekarchivariaat. De vernieuwde archiefbewaarplaats van het Streekarchivariaat in Harderwijk voldoet qua klimaat en beveiliging aan alle eisen en biedt daardoor een goede plaats om deze collecties duurzaam te bewaren. Dit geldt ook voor tientallen, soms kostbare oude naslagwerken, waaronder een aantal unieke drukken uit Harderwijk zelf.


Stokvis, tabak en brandewijn

Een unieke vondst betreft bovendien een achttiende-eeuws rekeningboek van het maalschap van het Elspeterbos. Maalschappen waren organisaties voor het gemeenschappelijke beheer van ongecultiveerde woeste gronden, zoals bossen en heidevelden. Van deze maalschap waren wel twee malenboeken bekend, beheerd door het Gelders Archief, maar dit rekeningboek vormt hierop een waardevolle aanvulling. Hierin hield de maalschap haar inkomsten en uitgaven bij, zoals voor de gezamenlijke maaltijden die de maalmannen bij hun vergaderingen nuttigden. Zo werden voor de gezamenlijke maaltijd van de maalmannen tijdens de vergadering van 16 augustus 1735 onder andere 22 pond ham, 16 pond stokvis, 4 roggebroden, 1 kaas, pekelharing, tabak en pijpen, mosterd en brandewijn ingekocht.

 
Dissertaties van bekende promovendi toegankelijk

De dissertaties bieden een waardevolle blik op het universiteitsleven en de wetenschappelijke productie in het zeventiende- en achttiende-eeuwse Harderwijk. Dat tientallen originele dissertaties straks via het Streekarchivariaat voor het publiek en wetenschappelijk onderzoek beschikbaar komen kan ook nieuw licht werpen op de vraag of Harderwijk inderdaad steeds meer een 'promotie-universiteit' werd, waar tegen relatief lage kosten een doctor-titel behaald kon worden. Beroemde promovendi van de Gelderse universiteit in Harderwijk waren Herman Boerhaave (1693) en de Zweedse plantkundige en geoloog Carl Linnaeus (1735).

Onder de verhandelingen bevinden zich de 'Disputatio Medico Inauguralis, de Utilitate explorandorum in aegris excrementorum ut fignorum' van Herman Boerhaave uit 1693, de dissertatie van de bekende Hattemse patriot en latere gouverneur-generaal van Nederlands-Indië Herman Willem Daendels, die in 1783 in Harderwijk promoveerde, en de oratie van de uit Kampen afkomstige jurist en historicus Pieter Bondam uit 1763. Bondam werd in 1770 door de Staten van Gelderland aangesteld als eerste provinciale geschiedschrijver, en heeft in die hoedanigheid veel betekend voor de Gelderse geschiedschrijving én voor het toegankelijk maken van archiefbronnen, met name door het samenstellen van oorkondenboeken (het Charterboek der Hertogen van Gelderland en Graaven van Zutphen).

Het Streekarchivariaat en het Stadsmuseum willen de aankomende jaren aan de slag met een digitale Gelderse Academie om de collectie van de voormalige universiteit van Harderwijk virtueel weer bij elkaar te brengen. Na de opheffing van de Harderwijkse Academie in 1811 raakte deze collectie namelijk verspreid. Delen ervan liggen bij het Gelders Archief in Arnhem, terwijl een omvangrijk deel van de boeken uit de universiteitsbibliotheek bij de Athenaeum-bibliotheek in Deventer terecht zijn gekomen.