Cookiemelding

Het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe is wettelijk verplicht toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en u te informeren over het gebruik van functionele cookies. Cookies zijn belangrijk voor onze website.

Het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe gebruikt functionele cookies, maar daarnaast ook cookies voor het beheer van de webstatistieken. Deze cijfers gelden als noodzakelijke feedback om de digitale dienstverlening en de vindbaarheid van de site te verbeteren. Daarnaast worden de webstatistieken gebruikt om verantwoording af te leggen aan de deelnemers van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe en subsidieverstrekkers.

Bezoekers van de website van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe blijven anoniem. Ook voor cookies geldt dat ze nooit direct aan individuen zijn te koppelen. Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe gaat vertrouwelijk om met de gegevens die door middel van cookies worden verzameld.

De website van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe is alleen bereikbaar als u cookies accepteert!

U bent natuurlijk altijd welkom op de studiezaal van de 5 vestigingen van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe

Ik accepteer deze cookies

Meer informatie over cookies »

sm-kaart1.jpg

Reacties

Geen reacties

Voeg reactie toe

 

Verhaal: De Kerktoren in brandt

De kerktoren brandt van 18 augustus 1693

Den 18 augustus 1693 sijnde geweest vrijdach, is des avonts omtrent half ses uyren bij een cout regenachtich ende windigh weder ende zuyderwindt met een swaere raetel donderslach ende blixem, de brandt geslaegen onder aen ’t leydack op de goote vande kercke aan de noordersyde, omtrent tien treden van den thoorn, welcke brandt aanstonts gewaer geworden sijnde, smeulende sonder vlammen gebluscht is;

Als mede is doenmaels onder de pijnappel boven in den thoorn de brandt geraekt, welcke men eerst omtrent een half uyrtjen daer nae gewaer wordende, ende alle de uyterste devoiren om de selve te lessen, met de leydeckers als andere ingesetenen aenwendende, de selve niet conde lessen doordien de plaetse onder de pijnappel daer de brandt ingeslaegen was, met cooper bedeckt ende bedeckt was, sodanigh, dat de leydeckers met bijlen houwende, om een openinge te maeken, dat daar water in conde gegoten worden, de bijlen aenstonts op ’t cooper stomp wierden;

soo dat de vlamme sigh hoe langer hoe meerder verspreydende, men resolveerde ende belastede het bovenste van den thoorn op de bovenste solder aftesaegen, ’t welck geschiet sijnde, ende men die spitse vermeynende noortwaerts af te trecken, tot tweemael toe het touw is aen stuck getrocken geworden, ende alsoo desen schoonen thoorn gansch verbrandt uytgesondert het alnoch staende gebleven muyrwerck, in welcken droevigen toevall de kercke eerst niewelick door godts bijsondere voorsienicheyt (alsoo der groote gaeten boven in de rugge wel van 10 á 12 voethen langh ingesmeult ende ingebrandt waeren door het continuele vuyr ende brandende balckens, die op de rugge vande kercke bleven liggen).

Is bewaert geworden, ende selver bij niemant andere stadt gemaeckt wierde, oft soude op 2 á 3 plaetsen inde lichte vlamme opgeslaegen hebben, welck soo dat eyndelick wederom moet grepen, ende soo veel manscap alsmede daertoe disponeren conde, op het verwulfsel van de kercke brachte, dat eyndelick door het continuele gieten nacht ende dagh, de brandt gebluscht, ende kercke alsoo behouden is geworden.