Cookiemelding

Het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe is wettelijk verplicht toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en u te informeren over het gebruik van functionele cookies. Cookies zijn belangrijk voor onze website.

Het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe gebruikt functionele cookies, maar daarnaast ook cookies voor het beheer van de webstatistieken. Deze cijfers gelden als noodzakelijke feedback om de digitale dienstverlening en de vindbaarheid van de site te verbeteren. Daarnaast worden de webstatistieken gebruikt om verantwoording af te leggen aan de deelnemers van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe en subsidieverstrekkers.

Bezoekers van de website van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe blijven anoniem. Ook voor cookies geldt dat ze nooit direct aan individuen zijn te koppelen. Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe gaat vertrouwelijk om met de gegevens die door middel van cookies worden verzameld.

De website van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe is alleen bereikbaar als u cookies accepteert!

U bent natuurlijk altijd welkom op de studiezaal van de 5 vestigingen van het Streekarchivariaat Noordwest-Veluwe

Ik accepteer deze cookies

Meer informatie over cookies »

grote oorlogbanner2.jpg

Onthulling Heldenmonument

Onthulling en overdracht van het Heldenmonument te Elburg

Bron: Elburger Courant, 16 april 1948



Bij deze onthulling op het oude Walbastion Zuidoosthoek is de belangstelling dinsdagmiddag 13 April zeer groot geweest. Een talrijk publiek was tegen half drie buiten een afzetting bij het monument samengekomen, in afwachting van de stoet, die zou naderen van de kant van de Chr. School. Gelukkig werd het gewichtig gebeuren door goede weersgesteldheid begunstigd. 
In de Gymnastiekzaal van genoemde school Bas Backerlaan, verzamelden zich met het Monumentencomité vele familieleden er gevallenen, personen van de illegaliteit, de vertegenwoordiging van het Gemeentebestuur en vertegenwoordigers van vrijwel alle Elburger verenigingen op zeer verschillend gebied en van onderscheidenlichamen, bestuursrepresentanten van verenigingen en organisaties van ouderen en jongeren beide, velen met kransen en bloemen en verder nog verschillende vooraanstaande personen en andere uit het verzet. 

Nadat allen op een lijst getekend hadden voor verenigingen, besturen of particulier, begaf men zich in gepaste ordening door een deel van de Bas Backerlaan en langs de wal naar de plek, die vóór het monument open gehouden was voor deze grote groep. Het monument was toen in het middenstuk nog gedekt door een Nederlandse vlag. Bloemen waren aan weerszijden in de grond gezet en men had maatregelen genomen voor versterking der sprekersstemmen. Het middenstuk van het monument verrijst op een verhoging van enkele treden in een omvattend metselwerk in rode baksteen met zware zijstukken in lichte kleur, waarop flambouwen kunnen worden ontstoken. 

Het ontwerp, wat betreft plaats, omgeving en algemene vorm, is van de vroegere gemeente architect van Elburg de heer K. Meijer, terwijl het monumentale hoofdmiddenstuk een kunstwerk is van Titus Leeser, beeldhouwer uit Ommen: de heren W.S. Deetman en A. Hollander te Elburg hebben het metselwerk verzorgd. 
Een en ander werd belemmerd en vertraagd door het materialengebrek des tijds: maar de moeilijkheden zijn op een verdienstelijke wijze overwonnen. 
Van vele zijden is een grote offervaardigheid getoond om de benodigde gelden bijeen te brengen. De afwerking heeft met zeer veel zorg, smaak en kunstzinnigheid met vakbekwame vaardigheid plaats gehad. 


Inleiding van de Comitévoorzitter

De voorz. van het Comité, de heer P. Vercouteren, wees er op, dat een ontroerend ogenblik was aangebroken. Velen staan hier samen met gemengde gevoelens nu het monument eindelijk gereed is gekomen, zie spreker. En hij verduidelijkte, dat dit "gemengde" was een droefheid bij het herinneren, maar ook enige vreugde, n.l. over het feit, dat het comité met alle gemeente-inwoners samen iets hebben kunnen doen voor de nagedachtenis der gevallen vrienden, die velen dierbaar waren. 

Spreker vroeg: Zijn deze herinnering en hulde nodig? Zijn zij goed? Het gaat hier niet om mensverheerlijking, maar om een eerbiedig en dankbaar gedenken zo beantwoorde spreker zijn beide vragen. Dit gedenken roept tot een plicht en tot het navolgen van een voorbeeld. Spreker dankte de heren Meijer, Titus Leeser, Deetman en Hollander, voor hun ontwerpend en uitvoerend werk, en tevens het Gemeentebestuur voor zijn adviezen en grote medewerking. Wijlen de waarnemend burgemeester K. Veninga is me die hulp krachtig begonnen en dit heeft onder het latere Gemeentebestuur een sterk steunend vervolg gevonden, ook van de zijde van Gemeentewerken. 

Spreker verzocht daarna de vrienden van de gevallenen de vlag van het middendeel van het monument te verwijderen en hij vestigde de aandacht dop wat toen viel te aanschouwen: een vallende verzetstrijder met vuurwapen, niet militair gekleed of gedekt, blootsvoets, dus slecht toegerust. Daaronder de vermelding: Ter nagedachtenis aan de illegale strijders in alf. Volgorde. H. van Driesten, A. Kruithof, J. Lebbink, H. Hulst en N.S. Rambonnet. 

Spreker constateerde, dat het monument het hart diep raakt. Moedig strijdende met primitieve middelen zo waren deze illegalen zo gaven zij hun leven. Hun voorbeeld en stervensmoed kunnen ons sterken als ij zelf aan onze dood denken: Memento Mori! Mocht er van dit monumentbeeld een sprake uitgaan aldus spreker en dan vooral een maning om aan God te denken en tot God te bidden. Mocht er kracht van uitgaan en een aandrijving om zich ook zo te offeren en te geven als deze gevallenen, voor een goede zaak. 

Spreker droeg daarna het monument aan het Gemeentebestuur over en prees de wijze, waarop een kleurig plantsoen op deze plek is in gereedheid gebracht. Hier zal ongetwijfeld geen baldadigheid vernielen: hier zal door allen iets in ere worden gehouden voor ons geslacht en het nageslacht. Hierna legt spreker de eerste krans. 


1st luitenant Vos spreekt
 

Luitenant Vos, gewezen districtscommandant van de N.B.S. sprak daarna namens de illegaliteit. Spreker uitte dank voor wat hier tot stand is gebracht op een eenvoudige en stijlvolle wijze en met juist begrip. Hij bracht met eerbied en bewondering het gedrag van de vijf gevallen vrienden in herinnering. Dat herinneren geeft leed, gevoel van verlies en gemis. Maar aan de deze droefheid baart zich dankbaarheid voor wat dit vijftal voor de vrijheid van het vaderland heeft gedaan. Hun daden zijn niet vergeefs volbracht. Hij sprak verder met lof over de wijze, waarop te Elburg en omgeving is meegestreden in het verzet, waarmee men het ideaal van de vrijheid des vaderlands diende en zich weerde tegen onrecht en onderdrukking. 

Spreker laakte het dat er door personen, die het meedoen aan de verzetstrijd vreesden, later critiek is geoefend op de illegalen. Deze critici, die op onjuist wijze terzijde hebben gestaan, wilde spreker geen plaats toekennen onder het beste deel van ons volk. Wij hebben te bedenken zo waarschuwde spreker dat er nog weer een tijd kan komen, dat dat beste deel des volks nogmaals zal moeten staan in nieuwe strijd voor recht en vrijheid. Zal het moeilijke en gevaarlijke werk van verzet dan weder aan een kleine groep worden overgelaten? vroeg spreker. Dit monument vervolgde hij is een symbool en aansporing om altijd te blijven strijden tegen onrecht en onderdrukking het kan een bron voor het nageslacht zijn om er kracht uit te putten. En de gevallenen hebben zeer veel volbracht, doordat zij veel hebben bijgedragen voor het vrijheidsbeginsel, door 't Oranjehuis steeds verdedigd en waarin de grote glorie ligt van ons vaderland Elburg mag er trots op zijn, zo besloot spreker in de bedoelde richting ter vrijheid te hebben meegewerkt. 


De burgemeester aanvaardt het monument voor de Gemeente

Burgemeester Jhr. W.H. v.d. Poll aanvaardde daarna met woorden van dan het monument voor de Gemeente en voor de burgerij. Spreker wees op de sprekende voorstelling van de beeldhouwer. Hier is gegeven een onbeschermd slecht toegerust, eenzaam strijder, zonder uniform, zonder helm, alleen gewapend met een geweer. Dat hij blootsvoets gebeeld is, doelt er op, dat hij overhaast is uitgetrokken, gedreven door plichtsgevoel, zich niet ontziende, zonder voorbereiding, terstond geheel bereid om het leven te wagen en zich met volle kracht te geven in het gerechtvaardigde verzet, voor het belang van volk en land. 

Spreker noemde het monument een schone aanwinst voor de Gemeente, een ruggesteun voor velen in de moeilijkheden die nog kunnen en zullen komen. Deze vijf gevallen hebben als een persoon uit dezelfde motieven, bedoelingen en moedige kracht een schakel gevormd in de keten van het verzet tegen de bezetter. Achter dit verzet stond eenzelfde vaderlandsliefde, plichtsbesef en Godsvrucht, waar men ook streed te land, ter zee, in de lucht, nabij of in verre gewesten. Spreker dankte de initiatiefnemers van deze gedachtenis. Ieder, die bij dit monument komt te staan, ingezetene of vreemdeling, aldus spreker kan zich beraden, kan de geestelijke achtergrond van het verzet gedenken, kan zich bezinnen op de daden en de offers, die voor de vrijheid zijn volbracht in een geven van het leven. 

Het monument voor Gemeente en bevolking met dank aanvaardend, wees spreker er het publiek nog op:
het is uw bezit:
bescherm het en eer het:
blijf bedenken wat hier is gesymboliseerd en volg het voorbeeld der gevallenen na:
geef u ook geheel in goede strijd voor edele zaken.

Als er zulk een navolging komt, is het offer van deze vrienden niet vruchteloos gebracht. Spreker legde daarna een grote krans voor het Gemeentebestuur en stond enige ogenblikken in stilte, huldigende eerbied voor het monument. 


Verdere huldigingen 

Het Mannenkoor O.B.K. zong vervolgens: "Ecco quo modo moritur" van Jac. Handel en twee coupletten van het Wilhelmus. Daarna werden er nog verscheidene kransen, bloemstukken en bloemen gelegd door verenigingsvertegenwoordigingen en particulieren uit de groep die binnen het afgezette plantsoen had gestaan. Nadat deze groep langs het monument was geschreden en zich na stille, huldigende groet langzaam had verwijderd, kwam er ruimte voor het overige publiek om ook langs het monument te defileren, waarbij velen nog bloemen legden. 

Het was een ontroerende en zeer indrukwekkende plechtigheid en een inderdaad waardig ernstig en dankbaar gedenken. Des avonds brandde het flambouwen licht. De vele kransen, bloemstukken en bloemen voor het monument boden een prachtig gezicht. Tal van personen kwamen er nogmaals naar kijken. Velen vonden het kunstwerk van Titus Leeser wat eentonig en mat van tint en de namen der gevallenen wat onduidelijk aangebracht, maar voor het geheel heeft men in het algemeen toch grote bewondering. Men moet bedenken dat er gezocht is naar stille, eenvoudige veelzeggendheid zonder onwaardig vertoon en van dat gezichtspunt uit moet men het gedenkteken beoordelen.